Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ieder Nederlander zwemmer

in deze hun plicht verzaakt. Hoeveel ouders hebben met de zoo bekende lauwheid, die nu eenmaal bij vele menschen met geen stok is weg te jagen, geredeneerd: „nu ja, dat zwemmen komt wel” of „nu ja, mijn zoon of dochter wordt toch landbouwer, mijnwerker of zooiets en wat heeft hij of zij dan aan het zwemmen”. Gelukkig is hierin de laatste jaren veel verbetering gekomen, omdat de jeugd zelf naar het water is gaan verlangen en mee wil spelen het in de mode gekomen spel met het water. Desondanks kent ons land nog ontelbare massa’s, welke nog nimmer in het water zijn geweest en voor deze massa’s, is verplicht schoolzwemonderwijs de eenige weg om zwemmen te leeren. Zonder verplicht zwemonderwijs komen wij er heusch niet. Terloops mogen wij hier even aan toevoegen, dat het schoolzwemonderwijs vanzelfsprekend ook om de zoo juist besproken paedagogische en hygiënische redenen op de school thuis hoort. Algemeen is men het er over eens, dat de lichamelijke opvoeding tot een der belangrijkste vakken van de schooltaak behoort. Waarom zou dan niet het zwemmen, dat een der gezondste en mooiste onderdeden van de lichamelijke opvoeding is op de school thuis hooren?

Veelal kon de invoering van het schoolzemonderwijs niet plaats vinden, omdat de daaraan verbonden kosten te hoog waren of omdat de zweminrichting te ver van de school verwijderd lag. Wil dan ook het schoolzwemonderwijs ten onzent toekomst hebben, dan zal het aantal zweminrichtingen met tal van kleine inrichtingen uitgebreid moeten worden. Deze inrichtingen zullen goedkoop moeten zijn om de kosten aan het onderwijs verbonden, zoo laag mogelijk te houden. Desnoods worden deze inrichtingen uitsluitend voor instructie gebruikt, waardoor de bouw eenvoudig kan zijn en de onderhoudskosten van zoo weinig beteekenis, dat de kosten aan het schoolzwemonderwijs verbonden, geen noemenswaard bezwaar meer kunnen vormen. Wil men deze kosten zoo laag mogelijk houden dan zal het onderwijs gegeven moetèn worden door de klasseonderwijzer in de uren voor de lichamelijke opvoeding uitgetrokken.

Sluiten