Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3ET WATERPOLOSPEL

Afb. 53. Zwemmen met den bal.

eenvoudigste lijkt den bal uit het water te tillen. Immers men heeft de hand maar onder den bal te leggen en daarna de arm op te tillen. Een en ander is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. Velen zullen bij de oefeningen ervaren, dat zij de hand wat te ver naar voren of naar achteren geplaatst hebben met het gevolg, dat de bal van de hand afrolt. Onder water is moeilijk te zien of men de hand wel op de juiste hoogte geplaatst heeft en zeer zeker zal dit gedurende het spel het geval zijn daar weinig tijd voor nauwkeurige berekeningen beschikbaar is. Weliswaar zal de speler door routine een zeker gevoel voor den afstand en voor de juiste plaatsing der hand krijgen, maar het risico aan deze wijze van oppakken van den bal verbonden, blijft toch veel grooter dan bij een vastgrijpen aan de bovenzijde. Temeer is dit het geval, omdat gedurende het plaatsen van de hand onder den bal deze door de deining of golving van het water iets verplaatst kan worden.

Wanneer de bal door de hand van onderen is aangevat en uit het water getild dan is het nog een kunst op zichzelf de bal vast te houden. Het vasthouden moet altijd geschieden met wijd geopende vingers, waardoor het steunvlak zoo groot mogelijk wordt. De hand met de vingers moet dezelfde ronding als de bal aannemen. De geheele hand ligt dus tegen den bal. Is de hand goed geplaatst dan zal de bal als het ware tegen de hand kleven zoo

Sluiten