Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET WATERPOLOSPEL

partij, indien deze vrij in een gevaarlijke positie in zijn onmiddellijke omgeving is komen te liggen, over te nemen.

De spelers dienen elkander voortdurend te dekken, omdat een vrijliggende speler te goede kansen heeft een krachtig en zuiver geplaatst schot op doel te lossen. In het algemeen is het de taak van de achterspelers de voorspelers te dekken. Deze zullen echter op hun beurt aan deze dekking trachten te ontkomen door voortdurend heen en weer te zwemmen. Neemt een voorspeler een vaste plaats in en wacht hij op die plaats den bal af, dan kan deze speler er verzekerd van zijn geen oogenblik ongedekt te zijn. Een dergelijk spel op de plaats wordt nogal eens door den middenvoorspeler toegepast. Een voordeel hiervan is, dat hij, mits de ballen goed geplaatst worden, menig schot van korten afstand op doel kan lossen. Een nadeel is echter, dat deze speler feitelijk niet aan het spel deelneemt, teveel een afwachtende houding aanneemt en nimmer in de gelegenheid zal zijn in ongedekte positie te schieten. Wij kunnen het spel op de plaats niet aanbevelen. Het geeft aanleiding tot tal van strubbelingen, terwijl van een werkelijk mooi samenspel weinig of geen sprake kan zijn. Veel aantrekkelijker is het spel, waarbij alle voorspelers voortdurend in actie zijn en door steeds heen en weer te zwemmen verwarring weten te brengen in de achterhoede van de tegenpartij. Zij scheppen zich daardoor ook veel meer kansen in ongedekte positie op het doel te schieten of den bal naar een vrijliggenden speler over te geven. Vanzelfsprekend is deze wijze van spelen uiterst vermoeiend.

Wanneer het spel niet op de plaats gespeeld wordt zal van een aanhoudend ovememen van elkanders tegenspelers sprake moeten zijn. Practisch zal dan van een rechts-, midden- en linksvoorspeler niet meer gesproken kunnen worden. Alle spelers zullen dan goede schutters moeten zijn, omdat de schoten op het doel dan niet meer voornamelijk door den midvoor alleen gelost zullen worden.

Zonder meer is duidelijk, dat de taak van de voorspelers is doelpunten te maken en van de achterhoede om doelpunten te voorkomen. Dat wil echter niet zeggen, dat de achterspelers geen doelpunt mogen maken en de voorspeler niet in de verdediging mag worden teruggetrokken.

Zeer mooi spel kan ontstaan, wanneer een achterspeler opzwemt

Sluiten