Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORBEREIDENDE OEFENINGEN

Thans echter volgen de oefeningen met een gelijktijdigen afzet der beide beenen. Voorloopig bepalen wij ons tot de z.g.n. i-meter plank, dat is de plank die 1 meter boven het wateroppervlak

geplaatst is.

De zwemmer gaat op de plank staan zooals in fig. 59 is aangegeven. Met beide beenen wordt nu door een kleine buiging in de knie tegelijk afgezet, zoodanig dat het lichaam niet alleen naar boven gaat, maar tevens naar voren. Onmiddellijk na den afzet wordt de houding als voor den afzet aangenomen, alleen zijn de voeten nu gestrekt. Het lichaam komt dus zooals uit de teekening blijkt recht overeind in het water. Deze sprong is nog heel wat moeilijker dan zoo oppervlakkig beschouwd lijkt. De groote moeilijkheid

is, zoodanig af te zetten, dat het lichaam

recht overeind blijft. De leerling zal net zoolang dienen te oefenen, totdat hij deze oefening inderdaad zoo correct uitvoert als op de

teekening is aangegeven.

Moeilijker wordt de sprong, wanneer de krachtige afzet van de plank door een armbeweging bevorderd wordt. De zwemmer gaat op de plank staan, zooals in nevenstaande figuur is afgebeeld. Hierbij zij even opgemerkt, dat de uitgangshouding even correct moet zijn als de sprong zelf. Bij het wedstrijdschoonspringen wordt niet alleen de sprong, maar ook de aanloop en afzet beoordeeld, alsmede het in het water komen. Alvorens nu tot de uitvoering van den sprong over te gaan, blijft de zwemmer enkele oogenblikken in deze houding onbeweegelijk staan ten bewijze, dat hij zijn

lichaam volkomen in zijn macht heeft. Tegelijk met een buiging in de knieën of een als het ware naar beneden duwen van de plank, worden de armen zoover mogelijk naar achteren gezwaaid

Sluiten