Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPRINGEN EN DUIKEN

rug naar huis gegaan.

Bij het torenspringen wordt meer dan bij het springen van de plank, de draai of wenteling gedurende den val uitgevoerd. Het torenspringen wordt in ons land weinig beoefend. In de eerste plaats telt ons land zeer weinig springtorens, maar de grootste handicap is, dat zoo bitter weinig gelegenheid is het torenspringen te beoefenen. Het zomer-seizoen is in ons land betrekkelijk kort en de dagen, dat de temperatuur van de buitenlucht zoodanig is, dat de springer met genoegen oefent, zijn ge-

Afb. 79. Auerbachsprong. makkelijk te tellen. Voor

de regelmatige oefeningen zijn de schoonspringers op de overdekte inrichtingen aangewezen. In deze inrichtingen kan het torenspringen niet beoefend worden, omdat de bassins daarvoor te ondiep zijn. Immers voor een sprong van 10 meter hoogte moet tenminste de waterdiepte 4% meter zijn. Dergelijke diepe bassins in onze overdekte inrichtingen zou den bouw te duur maken, terwijl de exploitatie der inrichting door de veel grootere hoeveelheid water, welke aangevoerd en gezuiverd moet worden te kostbaar wordt. De 3-meter planken worden in alle overdekte inrichtingen aangetroffen. Voor deze planken is een waterdiepte van 3 meter voldoende.

De sprongen worden beoordeeld met cijfers van 1 tot 10. De jury bestaat uit 3 tot 5 personen. De sprongen worden verschillend gewaardeerd, hetgeen door de z.g.n. moeilijkheidsfactor tot uitdrukking komt. Zoo is om een enkel voorbeeld te noemen de moeilijkheidsfactor van den gehoekten zweefsprong van de 3-

Sluiten