Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,Is dat vreemdigheid? Of is dat jullie allemaal eigen. „Bart, ik denk dat jij weinig maar van een vrouw vermag te vatten. Jij oordeelt veel te rap. Ik heb er zoo geen woorden voor maar 'k heb mijn ervaring. Moeder; ze deedaUes wa. vader heeft gewild, ze hong aan zyn lippen ze. leerde voorzien wat hij zou gaan wenschen. Hij hoefde

^WrTe^TensLar? Dat is anders niet jouw aard,

,U^ZeTasïde 't dienstbaar. Hij was dienstbaar. Ze boog alleen haar hoofd, lnj was de mindere. Maar zou hij dat ooit hebben geweten? Hoeveel lieeren zijn eigenthjk knecht. Vergis je niet, Bart Zwartewaal. Want als een vrouw haar gewonnen geeft, hoe menigmaal wint ze dan. Dat versta jij zeker niet; zoo heb ik je wel leeren kennen.

„Ik versta, dat je je eigen een mombak voorzet. Je w.lt,

ie kunt de mindere niet zijn."

„Jawel Bart Zwartewaal ik ga ommers morgen met jou

naar Rotterdam.' , . . 1*

,'t Zou je zeer doen, als je ooit de mindere waart he

harde Cato. Goed goed.... ik zal je bedienen op de reis. Alles

wat je morgen wilt, dat zal ik je geven, alles voor je doen

wat je vraagt."

„Alles?"

„Alles." „

„Ik hou' je er aan, Bart Zwartewaal.

's Anderen daags kwart over zes stond hij volgens afspraak aan de directiekeet. Cato zat al op haar kantoor en wenkte hem door het raam. Hij was wat ongewennig om dat gebaar; dat had hij nooit van haar verwacht.

„Vandaag doe jij alles, wat ik je zal vragen.

„Zoo luidt de afspraak, juffrouw Cato.

„Goed. Neem de boot van zeven uur en haal me het houten beeld. Met de boot van drie uur weerom. Afgesproken ?"

„Verdomd ja, afgesproken!"

Sluiten