Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij toch voorkwam, dat ze toegaf aan desolate gedachten. Heeft hij geweten of vermoed, wat er bij haar onklaar lag? Ze weet dat niet. Maar hij heeft er wel naar gehandeld, dat ze vaak werd afgeleid van verterende gedachten. Daar had de vent nu eenmaal slag van. Daarom had de schipper van de Gezina en ook anderen die op hun werf in nood verkeerden, hem zoo gewaardeerd: Marius was troostbrenger van aanleg, door een onmondig woord alreeds. Hij drong zijn troost nooit op en men merkt bijkans niet getroost te worden, of van de droefheid afgekeerd. En toch bereikte hij dat vaak. Hij hoefde een verlianseld mensch alleen maar aan te kijken met zijn geduldige schaapachtige oogen, dan werd de andere rustig. Want dan besefte die ander zijn meerderheid, voelt rustige overmacht wassen.

Cato denkt na. Marius heeft een waar woord gezegd. Teekenaars hebben te teekenen; maar als er groote dingen te beslissen zijn, richting gevend voor 't bestaan van hun bedrijf, zoo behooren de erven dat eigens te bedisselen. Uitbreiden — heeft die teekenaar gezegd. Een gemakkelijk woord. Uitbreiden, omdat er één, zegge en schrijve een zeeklipper op hun werf is geweest. Ware dat behoedzaam? Ja zeker, ze weet het wel, die eene smaakt naar meer. En 't heeft Cato goed gedaan, eens een schuit op haar werf te hebben, geregistreerd in de le klasse van Lloyd's. Daar kon een mensch nog eens van leeren, want uit de boeken weet je 't altijd maar half. Maar hoeveel van die hanteerbare scheepjes varen er op de zee? De teekenaar heeft het haar al gezegd, met spijt in z'n stem: „Hier is geen ruimte voor de kleinste drie-eilander uit de vrachtvaart; 't lijkt me hier een saai bestaan zoo." De zeebooten, die zij hier zal kunnen kalefateren, zonder de Kroonprinces uit te bouwen, zijn dan ook waarlijk te tellen. Er varen nog enkele van zulke zeeklippers op het Noorden, voornamelijk met steen en spiritus, dan zijn er trawlers en de kustvaarders, maar daarop hebben de werven rond de havens zich doorgaans al fijn ingericht. De Fransche kustschepen zijn voor Hollandsche werven onbereikbaar, die dokken nooit

Sluiten