Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook. Ze moeten getweëen door de wereld en hebben niets, buiten elkaar. Hij kan het heel goed stellen, zónder gevechten met zijn zuster.

En Cato heeft gedacht: Met Marius speel ik dat wel klaar, net als altijd. — En daarom heeft ze doorgebreid aan haar idee, die in haar hoofd was komen fladderen, op het woord van dien vreemde. Maar ze wachtte. Want een plan, zoo groot als dit, moest gedijen en z'n overleg hebben. Daar kwam nog bij, dat hij, die in haast of nood land koopen moet, altijd zwaar betaalt. Ze liet dus voorzichtig neuzen door den Notaris, of er land viel vrij te maken en zijn bericht was niet ongunstig, maar toch gereserveerd. Rond de stad zijn de bouwgronden altijd prijziger, voor tuinderij en industrie. Maar de tuinders verbouwen liever aan de stadszijde, want op de Stolwijkersluissche Brug staat tol. Ze wachtte ook, omdat ze niet schielijk overslaan wou naar de richting, haar door dien teekenaar gewezen. Zoo'n pennelikker die haar brood eet. hoeft nooit te denken, dat hij gereed op haar stoel kan zitten. En daarom weert ze hem af, in zijn al te groote vrijpostigheid. De teekenaar weet het al: nog vóór hij 't woord langshelling heeft uitgesproken, voor hij weer eens goed en wel over uitbreiding heeft kunnen reppen, worden haar lippen dun. Dan broeit ze weer op een hatelijkheid. Wat een vrouw, wat een bijterige hond. Geen raad is er aan te geven. Soms luistert ze fel; hij krijgt dan den indruk, dat ze zijn woorden goed bewaart, om er later baat bij te hebben. Want zooveel heeft hij er van gevat, dat ze ook wel willen zou, dat er ander soort werk naar haar werf kwam gedreven. Waarom laat ze hem dan ook niet uitpraten? Ze hoort me uit.... denkt hij terecht argwanend, om 't later zonder mij te kunnen uitvoeren. Ik maak hier 't bedje op voor een ander. Want mij gunt ze de overwinning niet. Maar hij is door die overweging waakzaam geworden en let nu op zijn woorden. Over uitbreiding, over den zeebouw, praat hij nog maar zelden. Nooit meer wijst hij op de nieuwigheden, waarvan hij heeft vernomen. Tot

Sluiten