Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rius was waarlijk liever bij zijn materiaalbonnen gebleven, de baas die tevens de mindere is.

Ze gaf hem een hand. „Wat je nog weten wilt, Marius, vraag dat nu. Hedenavond reis ik af. Ik neem m'ii kleer mee, m'ii spaarboekje en honderd daalders uit de kas. En het beeld laat ik nog halen. Tot vanavond ben ik bij Christensen."

En voor hij nog wat had kunnen stamelen, schoot ze in haar mantel en liet hem alleen. Een uur daarna kwam de koetsier van Christensen om haar drie koffers kleer en daarna nog eenmaal om het beeld. Daarmede was de scheiding der erven openbaar, het schandaal wereldkundig. En Marius ging tot de ploegbazen en zei hun bedeesd, dat juffrouw Cato vertrokken was voorgoed. „Maar alles blijft doorgaan op den ouden voet hier op de werf, zegt het maar aan het volk."

Achter dat woord — een zwaar woord voor hem die achterbleef — lag de eenzaamheid. Hij schreef dien avond een brief naar Oome Gerrit, ging de zaken regelen bij den Notaris en de bank.... allemaal zware gangen, allemaal daden, die gewis en onafwendbaar hun beider wegen verder deden uiteenwijken. Eer een maand verloopen was, had Cato haar deel uitbetaald gekregen en dat was nog rond de negentig mille. En geen twee maanden nadien, is ze, zonder veel vijven en zessen, in Ridderkerk getrouwd. Op een brief van Oome Gerrit, die nog gepoogd heeft de erven weer tot elkander te voeren, heeft ze niet eigens geantwoord, maar Leendert doen schrijven, dat Marius, met werf en al in hun vennootschap kon treden, zoo hij daar smaak in had. Daarmede waren alle banden doorgesneden.

Er wieren daar in Ridderkerk zware plannen beraamd en tot uitvoering kwamen ze ook. Marius hoorde er alleen nog maar bij geruchte van.

10

Sluiten