Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X

ANNE CHRISTINE

Zekerheid heeft ze verkregen, door naar een vroedvrouw in de stad te gaan, een vreemde voor haar. Die niets afwist van haar leven en bestaan op de werf en daarnaar ook niet gevraagd heeft. En nu staat ze voor dat donkere gat; over vier maanden moet ze moeder worden, tegen het scheiden van den zomer dus. Er staat op haar werf een nieuw schip op stapel en ook bij haar. In haar lijf is dat vreemde geschied, waar ze woordeloos tegenover staat. En nu is ze weer sterk en bereid tot alle werk. Dat ooit die lamme loomheid haar kon vatten, verstaat ze nu niet meer. Want ze zou in staat zijn, ondanks het leven dat zij met zich voert, een huis te verzetten met mannemacht.

En nu moet ze dat toch aan Leendert zeggen gaan. Dat is een zware opdracht, een heel zware. Maar ze maakt er geen comediespel van. Ze haalt een keer asem, kijkt hem aan alsof ze alles heel gewoon vindt en zegt: „Leendert.... er komt een kind. Over vier maanden komt er een kind."

„Wat? Een kind? Bij jou?"

„Een kind. En zeg nou maar, wat er allemaal gebeuren moet. We staan er voor."

„Maar je zegt me dat, alsof...."

„Alsof er spraak was van een nieuw bootje op de helling. Nou goed.... laten we er niet over mieren, 't is zoo het is; er komt een kind. Wat doen we?"

„Hulp moet er komen voor je. Een dokter en zoo."

Geen dokters aan m'n lijf. Ik weet wat dat betreft beter raad. Ik neem hier een kraamverpleegster in huis. Dat is

Sluiten