Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze riet hem daar zitten, klein en wanstaltig en toch acht ze hem niet leelijk. Manneke, manneke, hou' je taai en sterk, mijmert ze en blijf lang leven. Dan mag je 't nog meemaken, dat wij samen, ik en Anne Christine, of Anne Christine en ik, in 't heldere huis van onze scheepswerf in jouw vaderland wonen, aan het groote water. Jij bent uit Amsterdam, Amsterdam ligt toch ook aan 't water; de Buitenkant ruikt toch ook naar teer en touw. Je komt in een mooien stoel te zitten Henkie, dan mag je pijpen rooit en, sigaren als je wilt en altijd naar Anne Christine kijken. Wat zal je haar dan mooi vinden, Henkie, want mooi zal ze zijn als ze groot is en sterk, als ze fier stapt over onze werf, als ze groote lobbessen van klinkers commandeert en afsnauwt waar 't moet. Alleen haar handen zullen dan niet mooi meer zijn, maar daar kijk jij dan maar niet naar. Wat geeft het, of de handen van een vrouw die een werf beheert, vol kenen komen? 't Gaat bij een menscli om zijn handen niet; 't geluk zetelt in den wil. In den wil om machtig te zijn, machtiger dan anderen!

Alle avonden geeft hij haar een krant, trouw voor haar bewaard. Vroeger zou ze van de kracht zijn geweest, om te zeggen, dat ze toch veel te moe is om een krant in te zien; nu doet ze zooiets niet meer. Ze dankt Henkie voor die krant. Zegt, dat ze in bed straks nog wat lezen gaat. Want een geschenk van dertig centimes is thans een groot geschenk.

En dan gaat het weduwmannetje haar vertellen, hoe hij vandaag zijn dag heeft doorgebracht met het kind. Mijn kind — pleegt hij dan te zeggen en die kleine vreugd in zijn oude bestaan gunt ze hem volslagen. Alle vorderingen van het menschje tot mensch hoort ze van Henkie. Ze leert de groei van den geest in haar kind kennen, door Henkie. En nu ervaart ze, hoe wonderbaarlijk dat is: een kind dat leeft en groeit en steeds meer van het leven waarneemt. Ja, alles verneemt ze daaromtrent van Henkie. Hij zat met haar in de tram en toen heeft de conducteur niet willen gelooven, dat ze werkelijk nog geen vier was. Dat heeft

Sluiten