Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

576. Wegens de vormen vrouwe en jonefrouwe en ook omdat vers 604 dezelfde afkorting joncf wordt gebruikt als meervoudsvorm onmiddellijk na vrouwen geven wij de voorkeur aan de oplossing jonefrouwe. Deze vorm wordt ook vereist op de door Leendertz bij vers 604 vermelde plaats in de Oloriant (611); een zelfde geval vindt men bij Verdam, op jonefrouwe, kol. 1068 in een tekst uit Velth. I, 43, 7. Er bestaat o. i. geen reden om met Leendertz te lezen jonefrou.

c. Eaerre vers 324; aldus opgelost uit h’re met het gewone afkortingsteken voor aer o. m. in haer 242, 261, 328, haerren 436 en ook in Daer 267, Waer 268 en waert 480. Leendertz, p. 10 in voetnota leest „hare, d.i. haerre of misschien harre”; deze laatste oplossing lijkt ons palaeographisch niet aannemelijk. Wel komt voluit de vorm hare voor vers 241, als dat. vt. van het pers. vnw.

d. omme vers 48 en 62 opgelost uit o naar óme vers 49, 141, 164, 166 e. e.;

e. groet uit g°t 317; grote uit g°te 706; groten uit g°të 18, 296; groter uit ft' 83, 211, 483; voluit komen voor groten 19, 24, groter 691 en groete 950;

f. eonine uit ,cö. 16, 60, 190, 325, 567, 677;

g. haert uit VH 335;

h. quaet uit ft 957;

i. hogher uit hog’ 472, 765 naar hoghe 528, 612, 668, 760, 966, hoghen 864, 867; vers 687 staat evenwel hoge.

TTT DE VERBETERINGEN IN HET HULTHEMSE HS.

EN DE MODELTEKST VAN ONZE ABELE SPELEN EN SOTTERNIEËN.

In de Esmoreit heeft de kopiist van het Hulthemse handschrift een zeker aantal verbeteringen aangebracht, welke om hun bijzondere aard een afzonderlijke bespreking verdienen. Zij gelden de spelling der vocalen a, e, i, o in open en gesloten lettergrepen. De kopiist verbeterde:

Sluiten