Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spelen en sotternieën en daarenboven nog in andere teksten van het hs.

Aan de door Leendertz1) gedrukte lijst van „Doorhalingen en verbeteringen in het Hulthemsche hs.” ontlenen wij de volgende, voor ons betoog volstaande, voorbeelden uit de toneelspelen: Lippijn, beclacht > beclaecht; let > leet-, Gloriant, arde > aerde; maght > maeght; bevelt > beveelt; herlijc > heerlijc; sten > steen; werde > weerde; rodelioen > roedelioen; Buskenblaser, werden > weerden; Lanseloet, ghedan > ghedaen; saght> saeght (tweemaal); gheiacht> gheiaecht-, warheit> waerheit; doght > doeght; Drie Daghe Here gecrech > gecreech; versmecse > versmeecse; Winter ende Somer, wareijt > waereijt; vroch > vroech; Dubben horio > hoeric.

Zonder enig voorbehoud mag uit al deze voorbeelden worden besloten, 1°. dat de modeltekst, die de kopiist van het Hulthemse hs. voor zijn toneelspelen gebruikte, de lange vocaal a, e, o in gesloten lettergreep voorstelde door een enkel teken, in ongetwijfeld veel ruimere mate dan dit in ons hs. het geval is; 2°. dat de sporen van die spelling wijzen op de aanwezigheid van een dubbele taallaag in onze abele spelen en sotternieën.

Van Helten schrijft over die spelling2): „Weinig hss. vertonen sporadisch een schrijfwijze, als vlesch, gi moght, gi saght, gi claght, maght, doghden, ghemenlike, enz., voor vleesch, gi moeght3), gi saeght, gi claeght, maeght*), enz. Alleen het ms. van L. v. J. (d. i. Leven van Jezus) is bijna standvastig in een zoodanig enkele vocaalspelling.”

Volgens J. H. Kern Hz. 6) is het Leven van Jezus uit het begin der XIV8 eeuw, volgens Dr. D. Plooy6) ws. uit de tweede

>) blz. 449—452.

*) Middelnedl. Spk. § 1, blz. 2; de spatiëring is van ons.

•) cf. boven blz. 18, (2).

4) Van deze voorbeelden vinden wij er vier terug in onze spelen: beclacht, maght, saght, doght.

*) De Limburgsche Sermoenen, $ 228.

®) A primitive text of the Diatessaron, Leiden, 1923, blz. 18.

Sluiten