Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verkieslijker dan te moeten leven zonder hen." Verschillende dagen lang spreekt hij tot de beangstigde menigte woorden van troost, moed en opbeuring; wekt hij haar op tot vertrouwen in Jezus Christus, die Zich over de smarten neerbuigt om ze te lenigen en te zegenen. Zijn woord klinkt als een boetekreet uit apostolische tijden. Nu eens beschrijft hij Jobs ongelukken, het verlies zijner goederen, de dood van zijn kinderen, de verwijten zijner vrienden, zijn mesthoop, zijn zweren, zijn wanhoop. Dan weer laat hij de vurige lofzangen horen van de kinderen in de vuuroven, of stelt hij de misdrijven en de verslagenheid, de boetvaardigheid en de vergiffenis der Ninivieten ten toon. In elk van zijn woorden is liefde, mededogen, hoop en betrouwen. Een gelukkige omstandigheid kwam nieuw voedsel geven aan zijn priesterijver. De dagen van boetvaardigheid naderen, de Vasten is aan de deur! Dit is voor Chrysostomus een welkome gelegenheid om zijn toehoorders daarover iets te leren. Wat weten zij toch weinig over de zin en de betekenis der kerkelijke gestrengheid! „Aardse en vleselijke mensen," zeide hij hun, „gij ziet in de vervulling van de vastenwet slechts de ontbering van stoffelijke genoegens, maar de zedelijke zielshervorming en bekering des harten ziet gij er niet in." Sommigen evenwel achten zich al te gemakkelijk ontslagen van het bijwonen der goddelijke diensten, voorwendend lichaamszwakheid of andere uitvluchten. Hij doet beroep op hun christelijke gevoelens: „Wel kunnen uw aandoeningen u van gestrenge vasten ontslaan;

Sluiten