Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor de natuur, voor de poëzie der dingen, voor de meer intieme poëzie van de huiselijke haard. Wat is de redenaar veranderd sedert hij in inniger contact gekomen is met het werkelijk leven! In zijn stille kluis, waar hij als monnik leefde en boeken schreef, was hij het huwelijk niet goed gezind. Zonder het huiselijk leven voor iets onheiligs of onreins te houden, liet hij in zijn traktaat Over de Maagdelijkheid heel scherp de onaangename kanten ervan zien. Nu heeft hij meer realiteitszin. Hij ziet hoe de genotszucht en de uithuizigheid het christelijk familieleven aantasten en verdonkeremanen, en met de lieflijke fantasie waarmee hij zijn meest energieke taal soms kon omkleden, roept hij uit: „Wilt gij wat ontspanning hebben, gaat de boomgaarden in, gaat uit wandelen aan de oevers der stromen, aan de meren; bekijkt de tuinen, beluistert het gesjirp der krekels, gaat bedevaarten naar de graven der martelaren. Gij hebt een vrouw en kinderen: welke vreugde kan hierbij vergeleken worden? Gij bezit een huis, gij hebt vrienden: wat is er lieflijker en kostbaarder? Zegt mij, wat is er liever dan kinderen? En voor een man die kuis wil leven, wat is er zachter dan een bruid? Gaarne citeert men een woord van de Barbaren dat vol levenswijsheid is. Horende spreken over deze misdadige schouwspelen en over hun wulpse genoegens, zeiden zij: „De Romeinen hebben deze spelen uitgevonden, alsof ze noch vrouwen noch kinderen hadden" — hierdoor aantonend dat niets boven kinderen en een vrouw gesteld kan worden, voor wie eerbaar wil leven."

Sluiten