Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De belustheid op schouwspelen was zo groot, dat veel welgestelde mensen voortdurend een theater aan huis hadden. Men trof er troepen toneelspelers, dansers en danseressen aan, voor veel geld gekocht of van kindsbeen af daartoe opgeleid. Chrysostomus mag van de rijken zijner dagen zeggen „dat ze van hun huis een theater maken". In zijn homilieën beschrijft hij de vergulde zolderingen der kamers, de marmeren wanden, de mozaïeken vloeren, de schaduwrijke plaatsen met afkoelende vazen, lekkere dranken, muziek en zang, waar de genodigden, liegende op ivoren bedden, rond tafels waar wierook opgeurt, naar concerten luisteren door het huisorkest gegeven, of hun blik laten dwalen op de balletten van jonge danseressen. Chrysostomus vergelijkt deze bijeenkomsten bij het festijn waar Herodiade danste. Elders voegt hij er het volgende aan toe: ,,Zoals zij die toneelspelers, dansers en hovelingen op hun gastmalen nodigen, de boze geesten en den duivel zelf verzoeken, zo verzoeken zij, die David met zijn harp nodigen, Jezus Christus zelf." Des te meer doet hij de onwelvoeglijkheid en de gevaren dezer gebruiken uitkomen, daar het in het Oosten, sedert de eerste christentijden, gebruikelijk was de vrouwen uit de schouwspelen te houden.

Het is vooral de corruptie van het theater dat hij met evangelische toorn bestrijdt. Hoe dikwijls preekt hij er tegen, hoe dikwijls vermaant hij de lichtzinnigen de circusspelen en de dramatische voorstellingen niet te bezoeken. „Het heeft niet geholpen! Tot op de huidige dag lopen zij be-

Sluiten