Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aartsbisschop te ontdoen. Het tweede verbanningsbevel werd aan den heilige overgebracht. Hij had zich kunnen verzetten, wel wetend dat zijn volk zijn verzet zou goedkeuren, dat hij op de massa kon steunen. Hij deed het niet, want daartoe dacht hij te edel. Hij gaf zich gewillig over.. . Onder militaire escorte werd hij naar de haven geleid, van waar de weg naar de tweede verbanning begon, een weg die van 't begin tot 't einde een ononderbroken kruis- en lijdensweg zal zijn. Ongeveer drie jaar en drie maanden na deze uittocht bezwijkt hij van uitputting en vermoeienis op 14 September 407. Aldus verdween, als slachtoffer van de haatcampagne zijner vijanden, de grootste redenaar onder de griekse Kerkvaders, één van de schitterendste sieraden van dit tijdvak.

Pas 31 jaar later werd hij volledig in ere hersteld, bij de overbrenging van zijn heilig gebeente naar Constantinopel. Over dit feit dichtte Vondel in zijn Altaargeheimenissen:

zoo magh zich schamen De BosJotus, die zijnen Guldemont,

Nu van de T)oot geloken, tegenzont Dien klaren dagh vanfackelen en stralen: Om statighlijck den balling in te halen,

Door duizenden van zielen, out en jong, Nog hangende aan de keten zijner tong.

Sluiten