Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vulling op gezag aangenomen. Maar de groote gave Gods is voor hen een stuk dogmatiek geworden zonder meer: een aantal voorstellingen, die nu eenmaal volgens hun overtuiging onlosmakelijk met 't Kerstfeest samenhangen. Voorstelling en begrip is alles beheerschend geworden in hun leven. Rilke, die de dingen zoo zeldzaam origineel kon zeggen en wien ironie niet vreemd was, zegt ergens:

„Sie wissen alles, was wird und war.

,,Kein Berg ist Ihnen mehr wunderbar,

,,Ihr Garten und Gut grenzt grade an Gott."

Naar aanleiding hiervan zegt professor Chantepie de la Saussaye, dat er menschen zijn die meenen, dat hun slatuintje onmiddellijk aan God grenst, ja het Koninkrijk Gods zelf is.

Voor deze menschen is Jezus' komst op aarde geen vuur, dat in het dorre hout is geworpen.

Ze zeggen dat Hij het is, omdat ze het allemaal zeggen.

Ze zeggen het zonder ontroering. Ook bij hen geen lente, geen verwachting, maar een winter vol verstarring.

Maar gelukkig, er zijn tal van jonge menschen, in wie het verlangen leeft. Hoe die lente in een jonge ziel komt, is moeilijk te zeggen. Het gaat zoo onnaspeurlijk. Pas later merken we, dat achter ons verlangen een ander verlangen staat. Ook in Gods hart is verwachting. Die is primair. En omdat Hij naar ons verlangt, verlangen wij naar Hem.

We voelen diep in ons leegheid en honger. We leeren een heimwee kennen, niet te stillen door wat het tijdelijk leven biedt. En dit verlangen verdiept, wanneer wij de oorzaak van onze onvoldaanheid gaan peilen. We leeren het af een hoogen dunk van onszelf te hebben. Met smart zien

Sluiten