Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelfden weg, volgende Jezus, maar ieder behoudt eigen naam, wezen en zielsgeschiedenis. Niet alleen voor, maar ook tijdens en na den omgang met Jezus heeft ieder 'n duidelijk te onderscheiden eigen karakter. Er komen gemeenschappelijke vragen uit hen op, maar ook persoonlijke. Zij ontvangen gemeenschappelijke antwoorden maar ook individueele. Na Zijn opstanding verweet Jezus bij Zijn verschijning in den apostelkring ,,hun hunne ongeloovigheid en hardigheid des harten" 4), maar tevens vernemen we, hoe Hij dat op bijzondere wijze aan Thomas deed. 5) Ieder heeft eigen gedachten en maakt karakteristieke opmerkingen. De bestaande overeenstemming wordt nooit gewonnen ten koste van ieders zelfstandigheid, maar juist als vrucht daarvan. De opkomende geschillen dooden het saamhoorigheidsgevoel niet. Zij leven ieder voor zich, en toch kunnen zij elkander niet missen. Zij leeren van elkanders fouten en tekortkomingen, maar ook van elkanders gaven en deugden. In de droefheid na Jezus' sterven, komen zij bij elkander, maar iedereen mist Thomas. Met fijnen zin wordt hij dan juist genoemd „een van de twaalven." 6) En telkens als, na het verraad, de evangelisten spreken van ,,de elven" merken we de ledige plaats met stil gebaar aangeduid. 7) Zelfs na Judas' verraad en zelfmoord voelen we nog, hoe Petrus zijn weg-zijn nauwelijks kan indenken, als hij zegt: want hij was met ons gerekend. 8)

Zoo kunnen de gesprekken door den Heiland gevoerd in een niet te kleinen en niet te grooten kring, zooals ze in de Evangeliën worden beschreven, voor de gansche Christenheid der eeuwen, voor alle toekomende geslachten, de bron worden, waaruit alle kennis omtrent Zijn persoon, werk en leer wordt geput. Het beeld van Jezus

Sluiten