Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

levenseinde, maar welk een einde van welk een leven!

Laten wij niet banaal zeggen: de Joden hebben Jezus gekruisigd. Het is iets van hun grootheid, dat zij het conflict hebben uitgestreden. Zij waren voor deze crisis het rijpe volk. Jezus heeft daar geleefd, waar eeuwen en eeuwen dit conflict was voorbereid, meer voorbereid dan elders. Zou Jezus in het oude Rome of Athene of nu bij ons opgenomen zijn als de groote gave Gods? Immers neen. Maar bij dit hartstochtelijk volk, met zijn gave van het profetisme, moest het komen tot den strijd, waar alle menschen als omstanders en als deelgenooten in verdere instantie, in betrokken zijn.

Deze Jezus is den mensch te machtig, met zijn gehoorzaamheid altijd en overal; maar Israël zal het uitspreken en doorzetten: „hoe komen wij ten spoedigste van Hem af . Hij laat niet los, want God laat niet los; daarom moet het conflict komen: Hij moet worden afgeschud, ja afgescheurd, als Hij zich niet naar hun wil voegt en ook niet vlucht, — zoo is de mensch als God naar hem grijpt. Israël vooraan zal dat in feiten omzetten. Het kruis is de dood bij uitnemendheid, het is de plek, waar de mensch „neen" zegt met de alleruiterste spanning tegen God, die zich openbaart. En dat is toch dezelfde mensch, die zich eeuwenlang door profetenprediking en eeredienst bewust is geweest van zijn nood tot God, het is dezelfde mensch, die weet van zonde en weet van zijn gebrek aan liefde, die hier „neen" zegt en doorzet, en in zijn strijd met dien Jezus schijnt te overwinnen, omdat het uiterste bereikt wordt, namelijk de dood van den tegenstander. — Neen, dat is het uiterste niet, wel 's menschen uiterste, niet Gods uiterste, Gods uiterste is Paschen.

„Uit de dooden" is voor Jezus en voor hen, die Zijn

Sluiten