Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Wanneer zie ik je weer? vroeg Henry aan Janine. Morgen ?

— Niets daarvan. We dansen hier niet iederen avond ! U moet niet denken dat u hier op Montparnasse bent, meneer .... En trouwens, mijn vader zou het niet goed vinden, als ik iederen avond uitging. Hij is nogal streng, papa.

— Wanneer dan?

— Wij gaan aanstaanden Vrijdag naar Parijs terug. Wij zijn in betrekking bij de „Galeries", en we moeten weer aan het werk. Nietwaar, Yvonne ? . . . . We hebben twee leuke weken gehad, m'n zuster en ik.

— In welke afdeeling ben je ?

— In een afdeeling waar geen heeren worden toegelaten, zei zij, schalksch lachend.

— O, je wilt het niet zeggen. Maak je niet ongerust, ik zal het je niet lastig maken .... Zullen we ergens in Parijs afspreken? Na den eersten September, want wij blijven tot het eind van de maand in Beg-Meil.

— Op welken dag valt de eerste?

Hij raadpleegde zijn zakkalender.

— Op Zondag.

— Wel voor den 2en September dan, 's Maandags avonds in „Sex-Appeal", rue Pigalle? Weet u waar het is?

— Natuurlijk.

— Ik zal er tegen middernacht zijn .... Niet vergeten, hoor ! Ik zou ontzettend kwaad zijn.

Sluiten