Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omhoog; de hand zinkt boven op het hoofd.

Zoo blijft hij enkele seconden achtereen staan, seconden die Janine een eeuwigheid schijnen. Hij schreit niet; hij staart voor zich uit, de linkerhand op zijn hoofd gedrukt .... Zij wil roepen, schreeuwen, alsof het een boozen droom gold. Zij wil zich oprichten in haar bed. Het is ondragelijk .... ondragelijk !

Doch reeds wendt Bakowski zich af. En even zacht en even langzaam als hij gekomen is, verlaat hij het vertrek. Al de kleine geruchten, die zijn komst hebben aangekondigd, klinken nu opnieuw, in omgekeerde volgorde. Het parket kraakt; de deur van de kamer piept; de kruk springt in het slot.... Zij wil roepen, één enkel woord : „Vergiffenis !" Doch haar keel brengt slechts een gesmoord gekreun voort.... Gedempte schreden op den looper in de gang .... de sleutel in het sleutelgat .... Dan is alles afgeloopen.

Zij wacht nog enkele minuten, hopend, hopend, dat hij terug zal komen .... Doch slechts de vreedzame geluiden van het huis zijn hoorbaar: wat pianomuziek, het fluiten van een vogel....

Dan springt zij eensklaps overeind. Met een ruw gebaar schudt zij Henry wakker, die zich de oogen uitwrijft.

— Ga weg ! Ruk op ! schreeuwt zij hem toe.

— Droom je, Jani? vraagt hij liefkoozend.

— Ben je doof? Versta je me niet? Ga weg, zeg ik je !

Hij weet niet wat hij ervan denken moet en vraagt

zich af of zij gek geworden is.

De Ziekte die Liefde heet.

12

Sluiten