Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

altijd evenveel van je, Anne. Al die jaren heb ik niet opgehouden je lief te hebben.

— Als je me werkelijk liefhebt, moet je me met rust laten .... Nee, nee, vat het niet verkeerd op ! Ik wil je niets onaangenaams zeggen. Je bent altijd goed voor me geweest. Jij bent degene die het meest van me gehouden heeft.

Een vrouw, die langs hun tafeltje liep, pakte Janine bij den arm :

— Doe je dezen dans met me?

Maar zij trok zich los. En, zich tot Bakowski wendend :

— Kunnen we geen vrienden zijn?

Hij antwoordde niet, en geruimen tijd heerschte er stilte tusschen hen. Een stroom van droeve gedachten ging door zijn hoofd. „Liefhebben," overwoog hij „is lijden." Het offer: ziedaar de schoonste roeping der liefde. Offers brengen — dat is de eenige werkelijke vreugde. Het doet er niet toe voor wélk idool. . . Als ik de verhouding met Janine weer aanknoop, breng ik haar het offer van mijn eer en mijn gemoedsrust. Als ik van haar afzie, offer ik mijn liefde op aan een ander idool. Het gaat er slechts om: te weten welk van beide offers het zwaarste valt. Want het zwaarste offer is tevens het schoonste, — en dat wil ik brengen.

— Zooals je wilt, zei hij eindelijk, laten we vrienden zijn.

— De beste vrienden.

En daar hij opstond :

— Ga je nu al ? .... Je komt toch terug?

Sluiten