Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de maleische landschapsgroep dragen de zelfbestuurders verschillende titels: Datoek *), Radja a), Soetan1 * 3), Jangdipertoean 4 5 б), Jangdipertoean besar 8), Toeangkoe Maharadja ®) of Toengkoe besar 7).

Al deze zelfbestuurders oefenen een bepaalde rechterlijke bevoegdheid uit en voor zoover de landschappen in groepen vereenigd zijn, heeft iedere groep een rechtbank met grooter bevoegdheid dan die der afzonderlijke onderdeden. De zelfbestuurders zijn de leden van die gemeenschappelijke rechtbank.

In Pelalawan hebben ook de districtshoofden rechtsprekende bevoegdheid.

De lagere bestuursorganen in de Batoe Barasche en Laboean Batoesche landschappen, de tongkats, hebben geen, die in de Rokan en Kamparlandschappen, resp. de bandahara’s en chalipah’s, wel een bepaalde rechtsmacht.

In de bataksche landschapsgroep dragen de zelfbestuurders den titel van sibajak (Karolanden) en van radja (Simeloengoen). De rechtsmacht is hier op dezelfde wijze geregeld als in de maleische landschapsgroepen.

Zoowel in de Karolanden als in Simeloengoen oefent de raad van zelfbestuurders de hoogste rechtsmacht uit.

1) In de Batoe Barasche landschappen.

а) In IV Kota Rokan Kiri.

3) In Tamboesai en Singingi, Bila en Panei.

4) In Koealoe-Ledong, Kotapinang, Koentodoressalam en Goenoeng Sahilan.

5) Ram bah.

б) Kapanoehan.

7) Pelalawan.

Sluiten