Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

drang: opstandigheid. Het nieuwe en stuwende levensgevoel, ervaren als een roes door wie er in werd opgenomen, greep om zich heen, door iedere tegenstand sterker aangewakkerd, en groeide aan tot de beweging van een generatie. Er was een gemeenschappelijke overtuiging, een diep geloof aan de rechtvaardigheid van hun zending, die deze jongere Amsterdamse kunstenaars deed samengaan ondanks hun grote verschillen en hen een tijdlang verenigde in een zelfde geestelijke stroming, welke de beweging van „Tachtig" is benoemd.

„Tachtig" is een verschijnsel met tal van gedaanten en kan niet slechts door de naam van één kunstrichting omschreven worden. Geen

van de aesthetische begrippen die in die tijd leidend waren, noch naturalisme, noch impressionisme, noch sensitivisme, dekken het in zijn geheel. Feitelijk is het een zich snel verspreidende geestes- en gemoedsgesteldheid van revolutionnair karakter, een verloochening van de traditie, een aanval op de normen, doch het is dit in niet mindere mate op maatschappelijk en moreel gebied dan op het aesthetische. In enkele jeugdige kunstenaars echter was het intense gevoel opgeweld en luid uitgesproken met de bepaalde bedoeling getuigenis af te leggen van hun eigen schoonheidsopvattingen en te geraken tot een hernieuwing van de kunst, die een ommekeer teweeg moest brengen in gans het geestelijk leven van Holland. Er was in hen een sterke wil naar daden, er leefden in de harten grootse verwachtingen voor een heerlijke toekomst van vrijheid : dat was de zege die zij enkel met hun eigen krachten zouden bevechten. Met enthousiasme was de stormloop ingezet tegen alle conventie en rhetoriek in de litteratuur, in naam van het goede recht van

HARTJESDAG-KINDEREN. VERZ. A. P. NIELSEN, AMSTERDAM.

Sluiten