Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en algehele inzinking, doet zich in die tijd bij veel andere kunstenaars voor, het is zelfs karakteristiek voor de ganse beweging van '80. Het lijkt alsof het werken onder de hoge spanning van de vurigste hartstocht en geestdrift de mensen vóór hun tijd volkomen uit deed branden en hun niet meer kon overlaten dan de mogelijkheid vegeterend voort te leven en nog lange jaren terug te zien op een voorbije periode van korte, maar intense werkzaamheid.

In 1901-1902 had in Arti een grote ere-tentoonstelling van Breitner's schilderijen, aquarellen en tekeningen plaats, die een ruim overzicht gaf van het werk dat hij tot dusver gemaakt had. Het imposante geheel Het een diepe indruk na en een viertal studies, naar

aanleiding van deze tentoonstelling geschreven, werd enkele jaren later met reproducties van de tentoongestelde werken als een kostbare publicatie uitgegeven. Hoewel hij tot 1914 in zijn atelier op het Prinseneiland zou blijven werken, was Breitner van 1903 tot 1905 in Aerdenhout gaan wonen. Uit deze jaren stammen nog een paar zeer weidse en voldragen gezichten op de besneeuwde houtvlotten bij de Zandhoek en op het Damrak met de gemeerde schuiten, verder nog enkele goede „Afbraken", maar daarna zijn het meest oude werken die weer onder handen genomen worden, hoewel er af en toe ook nog wel een nieuw thema komt, gezichten op het Rokin, karren op het Damrak of rustende werkpaarden bij bouwerijen.

Terwijl hij tegen de vijftig loopt wordt zijn leven al eenzamer. Men

DAMESPORTRET. KUNSTHANDEL HUINCK & SCHERJON, AMSTERDAM.

Sluiten