Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PAARDEN OP DE DAM, AQUAREL. LEGAAT DRUCKER, RIJKSMUSEUM, AMSTERDAM.

doofd was kon slechts door zijn allernaaste omgeving gemerkt worden.

De laatste jaren slijt hij teruggetrokken en in stilte. Hij, de schilder van Tachtig, heeft zijn tijd gehad met de generatie van Tachtig, en na de oorlog behoren zijn figuur en zijn glorie tot een periode die voortaan geschiedenis is. Sinds die periode heeft men veel gebeurtenissen meegemaakt, veel nieuwe kunstrichtingen zien opkomen en achterhaald worden, en aan Breitner denkt men nog als aan een verschijning uit het goede oude Amsterdam van het einde der vorige eeuw. Hij leeft voort in vergetelheid, maar wanneer zijn toestand het toelaat, tracht hij nog de tekenstift en de penselen te hanteren als vroeger. Kijken, kijken naar vormen, bewegingen en kleuren is nog zijn grote lust. Zijn ogen zijn niet minder gevoelig geworden voor deze indrukken, maar zijn hand kan nu niet meer volgen. Vroeger was het of zijn vingertoppen rechtstreeks met zijn gezichtszenuwen verbonden waren, thans is dit bovennatuurlijke contact verbroken. Nog als hij op zijn ziekbed in het Diaconessenhuis ligt, verrijzen herinneringen aan de zo vaak geziene en geschilderde Amsterdamse gezichten en ijlings laat hij van huis doek en schildergerei komen om voor de laatste maal een sleperskar in de sneeuw op het Rokin tegen een achtergrond van huizenrijen te zetten. Al is het niet meer dan verf uitstrijken, schilderen blijft een levensbehoefte. Thuis teruggekeerd, nu in de Bronckhorststraat, houdt hij

Sluiten