Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik ken en erken maar één richting: de Averechtsche. En deze volkomen natuurlijk, zonder een zweem van vooropgezetheid. Ik ben altijd zoo geweest. Zoo dra anderen ook willen wat ik wil, wil ik het niet meer. Deze houding lijkt mij de eenig juiste. Wat ligt meer voor de hand dan dat een eerlijk individualist zich immer en onweerstaanbaar aangetrokken voelt tot de kleinst denkbare minderheid, zich zelf; en dat hij, als uitvloeisel daarvan, de weinigen altijd boven de velen verkiest, zoodat hij Luxemburg en Lichtenstein tienmaal boeiender, belangrijker en aantrekkelijker vindt dan de luchtballon, waar men een hakenkruis als handelsmerk op geschilderd heeft of het imperium, dat alleen in de verbeelding van een schmierecesar bestaat. Toen de burgerij om mij heen liberaal en democratisch was, stelde ik vurig belang in een vernuftig opgebouwde hiërarchie gelijk Maurras die voorspiegelde toen hij nog niet kindsch was; nu de middenstand zich met kwijlende mondhoeken aan de Sterke Mannen vergaapt, kan ik met de beste wil van de wereld niet anders zijn dan zoo n beetje liberaal en zoo'n beetje democratisch — en dan nog op mijn manier — zonder éénige verbinding ten opzichte van de innerlijke waarden van liberalisme en democratie. Men kan mij niet boozer maken dan door eerbied voor succes te toonen. Een fielt, die „iets" (steeds datzelfde oude ondefinieerbare en twijfelachtige „iets") bereikt, beschouwt men tegenwoordig als een man van belang en men hoont of verwaarloost een knappen, rechtschapen kerel die faalt. Alsof slagen en nietslagen van persoonlijke eigenschappen en niet van een blinde samenloop van omstandigheden zouden af-

Sluiten