Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toch zeker nooit het Hooglied voorgelezen —!", en ze lachten samen als stoute kinderen om die gewaagde veronderstelling. Die dag en avond in Augustus vergeet Ruth niet meer. Het was warm en windloos geweest; des avonds pas woei het, en ze zaten buiten, onder de treurbeuk, die al met de langste takken langs de grond schoof. Zware kikkerzang baste in de sloot; van de vermoeiende dag was niets meer over dan de violette nachttuin vol schimmige bloei van lathyrus en heemst, en boven hen, als kleine snelbewogen waaiers, de suizelende vlerken van de duiven uit de open klokketoren, die in beweging kwamen. — De boeren moesten al lang, lang slapen; zij waren de enigen, die nog waakten; en Rudmer's handen liefkoosden haar polsen, zijn mond streelde langs haar slaap; zijn stem klonk dringend en laag, terwijl hij de bezwerende verheerlijkingen van het Hooglied herhaalde. Ze luisterde, bevangen in de heidense liefdemelodie —• „gij zijt schoon, mijn vriendin; uw ogen zijn duivenogen tussen uw vlechten •—Rudmer's handen streelden langs haar armen op, zij bonden langzaam de wrong los, en hij ademde lange tijd en woordeloos de geur van haar haren in. Toen praatte hij weer, met een stem, die schor was en haar met beangstigende zoetheid doordrong —•. ,,Zie, gij zijt schoon, mijn liefste, ja liefelijk; ook groent onze bedstede —Zij schoof haar hand op zijn mond, de zoete zwaarte steeg door haar hele lichaam op, en verloomde haar, en zij liet hem machteloos begaan, tot hij haar in zijn armen nam en zacht op de aarde legde. Ze had zich fluisterend en zuchtend geweerd:

— Niet hier, Rudmer, wacht •—•.

Maar hij was al haastig en machtig gekomen, en zij had hem ontvangen en omarmd, tot de zwaarte in haar zingend licht werd; en toen ze tot zichzelf kwam, lag ze in een rul bed van aarde, er was de scherpe plantengeur en de hardheid van schrammende takjes onder haar, waar ze naakt was; de nacht was volkomen koel, de schimmige bloemen leken veel groter en hoger en wiegden spookachtig, maar zij bewoog zich niet, want Rudmer sliep, zijn mond bij haar blootgetrokken

Sluiten