Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bouwboer, en Ekke moest, kruipend op stramme knieën, in de paarsblauwe grond leren werken, mesten, poten, zaaien, wieden. Het stond hem van harte tegen, dit bukken en buigen over de aarde, waar iedere klonter waarde had en elke richel van de kleinste tuin nog vruchten droeg. Hij was gewoon geweest aan zwaar werk, in teisterende zon, bij geselsneeuw en regen, maar hij had altijd rechtop gestaan tussen de grond en de hemel. De grote knecht van Sybranda, een schorre bazige kerel van Akkerwoude, liet hem, omdat hij paarden hanteren kon als de beste volwassen boer, eggen en mestrijden en vrachten verslepen; maar er waren ook weken, dat Ekke, behalve voor de melkwagen en een rit om een hoefbeslag, geen paardenstaart voor ogen kreeg. Hij moest spitten en nieuwe greppels slaan, die met rechte, gemetselde wanden hoorden te lopen; hij stak de kleinste akkers met geduldige spade af en plette ze zorgzaam, akkers voor tuinbonen, akkertjes voor sla, akkers voor wortelen, bruine bonen •— akkers, zoals hij smalend oordeelde, niet veel groter dan een fatsoenlijk graf.

Ekke sliep op de plaats van Sybranda boven de stal, een stuk beschot op draagbalken, waarin de houten kast van een bedstee getimmerd was. Zijn klerenkist stond naast het bed, dat de melkmeid soms dagenlang vergat recht te schudden, zodat hij des avonds wrokkig op de doorwoelde, stekelige stromatras kroop en zich in de stinkende paardedeken rolde. Op de wrakke plank aan zijn voeteneinde stond naast de oude po, die hij nooit gebruikte omdat niemand ze legen wou, de wekker; elke morgen om kwart voor vier snerpte ze af. Dan schoot hij overeind — de zolder met de machtige kruin van de kap boven zijn hoofd éen zilvergrauwe duisternis, doorvaagd met zijige webben stof, gebroken licht tussen bintenschaduw — de doffe schrik: Waar ben ik? —1 de eerste rillende ontnuchtering, als hij zich, half beschonken van slaap, in zijn werkbroek hees en de lange armen op de tast in de kiel stak. Hij klom de ladder af, die in het midden doorzwiepte, en wekte den boer. Eerst melken; •—• hij haastte zich, om de

Sluiten