Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daar wilde slapen en zichzelf vergeten. Er konden nog uren zijn —■ meest in de nacht ■—• waarin dat onbekende wakker schrok: dan herinnerde Ekke zich het dorp, het huis, zijn vader. Maar met die gedachte zag hij ook Regina voor zich, en hij bande het pijnlijke beeld van dit verleden en zijn rustiggeworden heimwee terug naar hun schuilhoek.

IV

In het voorjaar van 1902 ■— Ekke zou zeventien worden — las men in de krant, dat 't uit was met de Boeren; ze zaten ingesloten. Op het Haagse Vredespaleis, waar de staten bijeenkwamen om de oorlog af te schaffen, was een Boerendelegatie ontvangen, en weggestuurd zonder hulp. Abraham Kuyper, die gejubeld had, toen het Calvinistenvolk aan de Kaap de Engelsen klap na klap toebracht, was naar Londen getrokken, nadat hij de Boerenafgevaardigden overreed had, de onafhankelijkheidsstrijd op te geven. —• En nu waren er onderhandelingen over vrede gaande.

Tjalling Wiarda, wiens menniste vrijzinnigheid niets met Kuyper ophad, las het bericht grommend voor. —

Des Zondags voor de vermaning stonden de liberale boeren nog in somber gesprek bij elkaar. Zij lieten het grint korzelig onder hun klompen kraken, en spraken vol verachting over de kaart, die Kuyper den Britten in handen speelde.

.— Hogere politiek, de heren vechten 't maar uit, — zei er een, die de 3oeren al lang moe was.

De meesten legden zich er na korte tijd bij neer. Tjalling, de zachtmoedige, gaf zich het laatst gewonnen. Iedere week begon hij weer over de verraden Hollanders. Als hij een Calvinist ontmoette, schoot hij in stotterende spraakzaamheid en uitte zijn afkeer over Kuyper's beleid. Toen Eibert Geertsema, die tot de afgescheiden kerk hoorde, hem de huur voor het polderland kwam betalen, kon hij na de zaken ook niet zwijgen:

— En nou moet je mij toch 'ns vertellen... hoe vinden ze

Sluiten