Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jongens, die wat in de zuivel gestudeerd hadden —■ en sommigen zelfs dat niet —■ hadden het over boeren-rechten en boerenleiding en smaalden afkeurend op de particuliere bedrijven, die er alleen maar waren om profijt te trekken van het zwoegen van den boer. —• Herre Wiarda voelde boosaardige hartsteken, als hij zulke praatjes te horen kreeg. Betaalde hij, verdomme, zijn boeren niet meer dan de beste coöperatie ooit geven kon? Wat wilden de kerels eigenlijk meer? Wat moest het hun kunnen schelen, dat zij zogenaamd baas waren in hun fabriek? Zij hadden daarmee immers het zwaarste risico te dragen, dat er bestond... als het eens misliep, en dat gebeurde nog dikwijls genoeg, dan draaiden ze met hun eigen guldens voor de scha op, en een grote boer kon zich dat een paar keer meesmuilend laten overkomen, de kleineren zeker niet. Zij waren in de eerste plaats gediend door een particulieren ondernemer, die zelf aansprakelijk was voor de verliezen en die zijn klanten een behoorlijk melkgeld waarborgde. —

Herre had eens in de trein een wijdlopig twistgesprek gehad met den beheerder van een coöperatieve fabriek, en de mensen uit de aangrenzende coupé's waren nieuwsgierig over de schotten komen hangen, en hadden geluisterd; de coöperator had zich eerlijk opgewonden en was steeds scherper geworden, maar Herre had zichzelf van het begin af aan beloofd, zijn kalmte te bewaren, en geen duimbreed toe te geven. De man van de coöperatie had hem onzachte verwijten gedaan: of het waar was, dat Wiarda zijn beste boter- en kaasmakers door hoge lonen bij coöperatieve fabrieken vandaan had gelokt. — Herre erkende het met een onvervaarde glimlach en brutale knipoog tegen de andere reizigers. Hij had nu eenkeer geen tijd gehad, om de jongens van groen af aan te laten opleiden, en af te wachten, wat er dan uit groeien zou; hij had ze direct nodig gehad, en goede ook; en aangezien er goede te krijgen waren, had hij ze genomen, waar hij ze vinden kon. •— Sommige van de toehoorders lachten; die Wiarda was toch een gewiekste snuiterl Maar de coöperatieve beheerder schudde het hoofd. •—■ Ik ben bang, Wiarda,

Sluiten