Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

samenhangende uitbarsting. Rudmer was opgestaan en begon op en neer te lopen. Hij praatte hortend verder, terwijl zijn bovenlijf onnatuurlijk lang en slingerend leek in het druilig gaslicht.

—• Ik merk, dat je me voor krankzinnig houdt... Nee, gek ben ik niet. Jij weet niet, wie Vitringa is, hè? Gijsbert Karei Vitringa... Lang geleden. Ik herinner me alleen, dat ik hem verried. Alles was een vergissing, sindsdien. •—• Jij bent een goed koopman. Zet jij alles op één kaart? Natuurlijk niet. Ik heb dat gedaan. En ik heb mijn zaak grondig verspeeld, grondig. •— Ik zal je vertellen, waarom ik nooit meer dominé kan zijn. Alles was eerzucht en illusie, inplaats van geloof.

Hij zei de laatste woorden, terwijl hij bleef staan en zich naar Herre keerde. Over zijn gezicht lag weer het koude, bijna triomfantelijke licht, dat Herre zoveel schrik aanjoeg. Herre's hand met de braziliaan trilde, terwijl hij de ronde aspunt wegtikte.

•—- ...Jij denkt nog steeds, dat ik gek ben, zei Rudmer, die weer op en neer liep. — Maar ik begin nu pas gezond te worden. Ik zie nu pas, dat ik jaren lang achter iets aan heb gelopen, dat er niet is, en dat door sommige mensen God genoemd wordt.

Hij lachte eensklaps, zachtjes, en met een verborgen spottende ondertoon, alsof hij zichzelf moest honen. Hij ging weer zitten. Zijn zenuwachtige handen gleden langs zijn gezicht, langs de jas, vielen neer tussen de knieën. Hij rilde, als was hij koud. Toen streek hij zich weer traag door het haar, het gebaar, dat Herre zo goed gekend had, en dat hem nu met een medelijden vulde, dat bijna tranen opriep.

•— Rudmer... 1

Rudmer rookte weer, met dezelfde jachtige, verterende ademtrekken. Hij zweeg, als had hij Herre's uitroep van ontdane genegenheid niet verstaan. Hij sloeg de benen over elkaar, de gespitste knieën staken opwaarts in de te wijde broek vol vouwen. Toen sprak hij verder, schijnbaar kalm.

•— Wat geeft het redeneren? Ik krijg haar niet terug. Ik heb alles op die kaart gezet. Ik wist niet, dat zij voor mij ook

Het rad der fortuin. 21

Sluiten