Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoowel voor aankoop van „1'Hotel dit de Bentinck" als voor de reparatie- en inrichtingskosten 1). Nadat onder het Fransche bewind hier de prefect De Stassart had gewoond, diende na de omwenteling van 1813 het gebouw korten tijd tot paleis voor den Souvereinen Vorst, in afwachting van de inrichting van het paleis in het Noordeinde. Daarna werd het eenige jaren door den Kroonprins betrokken, die het in 1817 verliet, toen hij het Huis van Wassenaar op den Kneuterdijk als woning koos. Sindsdien wachtte het statige gebouw op een nieuwe bestemming, die thans door den Koning daaraan gegeven scheen te zullen worden 2).

Ten einde na te gaan, of ook de verschillende Kabinetten hier onder te brengen waren, moesten, in opdracht van den Minister, Flament en de Directeur van het Kabinet van Schilderijen, Steengracht, een rapport over deze kwestie uitbrengen. In hun brief van den 25en April zetten beiden uiteen, dat zoowel wegens het gebrek aan ruimte als de onvoldoende belichting plaatsing van de schilderijen in het bestaande gebouw onmogelijk was. Met behulp van 's lands architect Ziesenis had men daarom verschillende uitbreidingsplannen gemaakt, één van „uittimmering" van het gebouw met twee verdiepingen en één, volgens hetwelk de stallen, het koetshuis en de manege, welke zich achter het gebouw aan de overzijde van de achterstraat bevonden3), verbouwd zouden worden tot museum, eventueel door een gaanderij en brug verbonden met het hoofdgebouw.

Flament diende echter ook nog een afzonderlijk rapport in, waarin hij op grond van een nauwkeurige opmeting van het geheele gebouw berekende, dat er voor 96.000 deelen plaats zou zijn, wat niet eens een overtalrijke bibliotheek genoemd kon worden. Wanneer de snelle groei van de bibliotheek zich in den eerstkomenden tijd in hetzelfde tempo zou voortzetten, dan zou trouwens binnen weinige jaren dit getal al wel bereikt zijn. Derhalve was het gebouw eigenlijk juist voldoende voor de bibliotheek alleen. Elke verdieping telde 7^8 kamers, „waarvan het geheel successivelijk een schoon gezicht opleveren zoude, wanneer immers eenige gemeenschaps-

x) A.R.A. Secreete Notulen Dep v. Buit. Z. 1802. 21 Juni Nr. 5 en 14 Oct. Nr. 2.

2) Het rechter huis bleef nog particuliere woning tot 1877, toen het door den Staat werd aangekocht voor uitbreiding van de Koninklijke Bibliotheek.

3) De tuin van het gebouw zette zich nl. aan de overzijde van de tegenwoordige Kazernestraat, die toen Dennenweg of „Achter de stallen" heette, voort tot aan den Noordwal (thans Mauritskade).

Sluiten