Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krant uitgevouwen en hij keek nu over zijn lorgnetglazen heen naar zijn oudste dochter.

„O, dat witte jasje wat je aan hebt. Tja, dat lijkt me nog al warm. Meer voor het ijs hé? Maar ja, kind, de moeder van je moeder! Er zijn nu eenmaal van die conventies, waaraan je je fatsoenshalve niet kunt onttrekken. Ik zelf zit hier nu ook niet louter voor mijn genoegen."

„U Paps? Nee, dat weet ik wel hoor! U is gewoon een held en bovendien een martelaar. Laatst merkte Greetje Molenberg dat nog op. Die zei: Jouw vader is een lichtend voorbeeld voor alle weduwnaren en getrouwde mannen. Die liggen bijna allemaal overhoop met hun eenige schoonmoeder en jouw vader houdt vrede met drie van die wezens. Dat is meer dan bewonderenswaardig, dat grenst aan het verhevene! En zoo voel ik het ook, Paps!"

„Tja,' antwoordde hij met een zachten glimlach en dan plots levendiger : „O, daar is de wagen."

„O grut, dan ga ik ook zitten . . . Waar is mijn handwerk? . . . Ik moet vandaag een schouderbandje aan mijn onderjurk naaien, ik heb het expres losgetrokken . . ." en met dat kleedingstuk in de hand, terwijl ze eerst nog een ouderwetsch soort naaidoos geopend binnen haar bereik op de tafel zette, nam ze plaats op de tabouret.

„Hé . . ." sprak haar vade/, die naar buiten keek, op een verwonderden toon; meteen klonk de bel van de voordeur.

„Wat is er, Paps?"

„Granny heeft zelf het portier van de auto losgemaakt en ze is zonder hulp uitgestapt en naar de voordeur geloopen en ze heeft ook zelf gebeld, voor Jacob er kans toe kreeg. Hij staat er nu met zijn pet in zijn hand een beetje beteuterd bij te kijken."

„Gut. . . griezelig . . ." zei Maud ; ze lachte en stak een draad door het oog van de naald.

Even later opende de meid de kamerdeur voor de douairière van Doesselaer.

Sluiten