Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„O juist, juist..." herinnerde hij zich weer.

Hij was inmiddels op haar tafeltje toegetreden, nam andermaal de grootste helft van de overgeschoten afleveringen weg en ging daarmee terug naar zijn plaats.

Opnieuw verliepen er vele minuten van zwijgend vingergeschuif, hoewel het tempo van den dikken vinger met den zegelring, die van den witten versteenden vinger vele malen in snelheid overtrof, aangezien eerstgenoemde vinger soms sprongen maakte, waarbij wel een dozijn hotels en pensions en soms zelfs een heele bladzijde overgewipt werden.

Nochtans, toen de dame eindelijk met een zucht haar laatste aflevering mistroostig opzij legde, was meneer Pardus nog op de laatste bladzijde van %ijn laatste aflevering bezig en zijn vinger gleed daarbij nu omlaag in zoo'n langzaam tempo, of het eigenlijk in de bedoeling van meneer Pardus lag, al die namen meteen uit zijn hoofd te leeren.

Maar ten slotte schudde toch ook hij mistroostig het hoofd, zuchtte en sprak, terwijl hij zijn buurvrouw aanzag met een ietwat droeven glimlach van noodgedwongen berusting:

„Niets ..."

„Vervelend," sprak ze mistroostig.

„Weet U absoluut zeker, dat die meneer Drent in Interlaken is ? Kan hij niet naar Luzern zijn gereisd of naar Meiringen ?"

Ze schudde het hoofd.

„Hij heeft gezegd : Interlaken."

„En reist meneer alleen ?"

De vraag was ongetwijfeld een weinig indiscreet, maar de heer Pardus stelde ze op zoo'n bescheiden toon, dat ze toch geenszins den indruk wekte een weinig „uitvragerig" te zijn.

„Nee, antwoordde de dame dan ook, zonder eenige terughouding. „Hij reist met zijn dochter en met . . . nog iemand."

„O juist," zei meneer Pardus, die het blijkbaar niet noodig en misschien ook niet kiesch vond om nadere informaties in te winnen omtrent die „nog iemand", maar dan, nadat hij was opgestaan en naar het tafeltje van zijn buurvrouw trad : „Per-

Sluiten