Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nee, mevrouw Volkers en misschien — U houdt mij die opmerking ten goede — maken de omstandigheden het ook niet wenschelijk, dat hij in een gewoon hotel logeert."

Mevrouw Volkers zag den heer Pardus even wat verschrikt en angstig aan.

„Denkt U ?" vroeg ze zacht en bedremmeld.

Doch de heer Pardus gaf op die vraag geen antwoord; hij sprong eensklaps op.

„Mevrouw Volkers dus tot.. . laten we zeggen, half zeven. Dan zult U volledig ingelicht zijn, of mijn naam is geen Pardus I" 6

Ze reikte hem andermaal de hand, welke hij opnieuw aan zijn lippen bracht en dan stapte de heer Pardus met een opgewekt gelaat en met de snelle vastberaden stappen van een man, die recht op zijn doel afgaat, naar de deur.

Maar voor hij die deur had geopend, sloeg hij zich eensklaps tegen het voorhoofd, wendde zich om en keerde lachend tot mevrouw Volkers terug.

„Dat zou ik bijna vergeten, mevrouw Volkers."

„Meneer Pardus ?"

„Mag ik nog een minuut gaan zitten ?"

„Natuurlijk."

„Mevrouw Volkers . .. pardon, ik moet eens even bij mezelf overleggen... Ja! Ik durf het. Tegenover een vrouw als U durf ik dat! Verwacht U van mij, dat ik de diensten, die ik U bewijs, heelemaal pro deo verricht ?"

Ze keek even verrast op.

„Dat U dat heelemaal belangeloos zou doen ?"

„Ja?"

„Ik heb daar eerlijk gezegd nog heelemaal niet over nagedacht, maar nu ik dat doe... Nee! Ik vind, dat U als vertrouwensman en advocaat, zeer zeker aanspraak kunt maken op een remuneratie, op een honorarium."

„Dank U. Dat is een pak van mijn hart, mevrouw Volkers. Al verwachtte ik ook niet anders! Laat ik dan zéér openhartig met U spreken. Ik ben zeer behoorlijk vermogend en ik heb

Sluiten