Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen hief eerst mevrouw van Doesselaer, vervolgens mevrouw Volkers en ten slotte mevrouw Paling, die er met haar rug naar toe had gestaan en zich dus eerst moest omwenden, toen hieven die drie dames in vrijwel gelijktijdige verbijstering, de beide armen half op, de monden vielen open, uit die monden gorgelden geluiden of ze op weg waren om te stikken en de oogen puilden, of ze den baarlijken duivel zagen.

Maar het was den baarlijken duivel geenszins, het was slechts hun aller schoonzoon, het was Ferdinand Drent, die daar ineens met zijn handen in zijn broekzakken, heel rustig naderbij trad, vriendelijk glimlachend knikte en dan vroolijk verrast zei:

„Kijk, kijk, kijk . . .1"

Sluiten