Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meneer Pardus in den Chesterfield de stilte brak en ze zag bij die tot Paps gerichte woorden, den heer Pardus doordringend scherp aan.

„O ja!" riep Paps. „Kees Pardus en ik zijn al sedert onze jeugd boezemvrienden 1 Daarom kwam hij mij ook opzoeken ; hij rook als 't ware waar ik zat, nietwaar Kees ?"

Meneer Pardus bromde iets onduidelijks, maar knikte toch bevestigend.

„Ja, allemachtig aardig van hem. Maar ik weet het wel, zoo is Kees!" en Paps gaf meneer Pardus zoo'n hartelijk forschen klap op zijn schouder, dat deze heer er even van ineen kromp. „Maar je had me niet verteld, dat mevrouw van Doesselaer en mevrouw Paling hier ook logeerden!"

„Dat. . . dat wist ik ook niet," antwoordde meneer Pardus, die een beetje loerend, doch geenszins op zijn gemak, zat rond te kijken, zonder nog veel van de situatie te begrijpen.

„Ik zeg al, je kunt de dames misschien aan je verplichten door je als vierde man beschikbaar te stellen voor bridgepartijtjes. Nietwaar, Dzjobs ... e ... pardon Salvia . . . " sprak hij zich tot mevrouw Volkers richtend, waarna de gelaten der drie dames, na deze blijkbaar Freudiaansche vergissing ontsteld verstrakten.

„Als we tot bridgen komen, zal ons dat aangenaam zijn," sprak mevrouw Volkers dan op een zeer koelen toon.

Ineens stond Paps op en hij deed dit dermate plotseling, dat zoowel zijn drie schoonmoeders, als meneer Pardus, er wat opschokkend van schrikten.

„Ja, ik moet tot mijn groote spijt afscheid nemen," sprak Paps dan. „Dzjobs zal niet weten waar ik blijf, want we zouden dadelijk gaan theedrinken in Thun, dan vanavond dansen in de Kursaal en morgenochtend vertrekt de trein al zoo vroeg, om 7.40 naar Chamonix. . . adieu hoor, lieve menschen, prettig verblijf en mooi weer hier verder in Interlaken!" en dan, terwijl meneer Pardus weer zoo'n slag op zijn schouder te incasseeren kreeg, „Kees ouwe jongen, hou je maar taai hoor en maak je verdienstelijk bij de dames! Au revoir!"

Sluiten