Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met een saamgeknepen mond een schuinen blik wierp.

„Vindt U dit ook geen prachtig plekje, Mama?" vroeg Paps, toen ze allemaal zaten, doch waarbij hij vergat, dat mevrouw van Doesselaer per ongeluk met haar rug naar het mooie uitzicht was geplaatst.

„Heel mooi," zei nochtans mevrouw van Doesselaer, die nu"ook eensklaps den leegen stoel, het kopje en het koekjesschoteltje in het oog kreeg en daardoor wat verstrooid antwoordde.

„En je eet hier zoo lekker," vertelde Maud. „Bijna net als thu is 1"

„Zoo? Och ja, maar zooals thuis eet je nergens."

'^Nee, zooals het klokje thuis tikt. . ." sprak Paps om maar iets te zeggen en hij schoof het leege kopje voor den leegen stoel om onnaspeurlijke redenen een beetje vooruit.

„En hoe maakt... je gast het?" vroeg mevrouw van Doesselaer dan, met een wat vreemd geknepen stem.

„Och .. . kijk eens!" riep mevrouw Paling op dat moment. „Nu zou ik bijna aan spoken gaan gelooven."

„Goena-goena . .." zei Maud lachend, op welk woord door de beide dames een soort schrikschok scheen te gaan.

Maar de grondoorzaak der ontsteltenis was toch wel de verschijning in den stilaan vallenden schemer van een soort Arabier, die op het hoofd een tulband droeg, waar een sluier van af hing en welke Arabier plots verschenen was in de deuropening der villa, terwijl naast haar de knecht blijkbaar wees op het tafeltje der familie Drent.

Het was mevrouw Volkers, die gekleed was in hetzelfde gewaad, dat ze droeg toen ze onder de belangstellende blikken van het echtpaar Drent, haar eerste entree maakte in het hotel

Royal-St-Georges.

Maud was al op haar toegesneld, want het was haar geenszins ontgaan, dat Oma Volkers, toen ze daar plots haar twee mede-schoonmoeders ook aan het tafeltje zag zitten, een beweging had gemaakt om dadelijk om te keeren.

Sluiten