Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De heele troep kwam nu op het tuinhuisje toeloopen.

„Vertrekken? ... Go . . . Waarom? .. . Hoe sneu!" riepen ze door elkaar.

„Nou meisjes. Wie bestelt er nu een taxi?" vroeg juffrouw Te Meetelaar wat ongeduldig en lichtelijk humeurig.

„Ikke!" riep een meisje en dat holde weg.

„Drentje vliegt al!" riep een ander, maar meteen was er een verschrikt gegiechel, want juffrouw Te Meetelaar had streng verboden om die bijnamen te gebruiken als mevrouw Paling er bij was.

„Ik heb het hier heerlijk gehad," sprak de laatste, terwijl ze de meisjes toeknikte.

„Hè, mogen wij mevrouw naar de trein brengen?" vroeg Loes.

„Ik weet niet of mevrouw daar op gesteld is," antwoordde juffrouw Te Meetelaar.

„O, dat zou ik allerliefst vinden!" sprak mevrouw Paling, die een beetje ontroerd scheen.

„Waar ga je naar toe?" vroeg juffrouw Te Meetelaar.

„Naar Luzern over de Brünig baan. De trein gaat over vijf en twintig minuten," en ze raadpleegde haar horloge.

„Nou, vooruit dan maar," sprak juffrouw Te Meetelaar. „Vlug naar het station. Dat station voorbij Beau Rivage."

Op dat bevel stormde de heele bende dadelijk joelend den tuin uit en de straat op.

„Taxi komt dadelijk!" riep het meisje, dat Drentje werd genoemd en op een draf liep ze de andere meisjes na.

Mevrouw van Doesselaer had zich geïnstalleerd in haar coupé ; Jacob had de bagage in het net geplaatst en was na het ontvangen van nog eenige orders over de reparatie van den wagen en de terugreis daarmee, vertrokken.

Ze reisde eerste klasse, zat alleen en hoopte en verwachtte ook wel, alleen te zullen blijven, omdat ze wist, dat de toeristen in Zwitserland bij voorkeur in de derde klasse plegen te reizen; ze zat nogal naar haar zin, al was ze het reizen per

Sluiten