Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar het waren rijke dames, dames met dadelijk toucheerbare cash in haar portemonnaies 1

En de groote kunst was nu, om, ondanks die zeer ongunstige omstandigheden, toch nog een loonend Anschlussie met dat drietal tot stand te brengen.

De richtsnoer van meneer Pardus' strijd om het bestaan was nu eenmaal die van dien Amerikaanschen Pa, die tegen zijn zoon zei: Makt money my son; if possible honestly, hut... make it!"c

En meneer Pardus dacht aan zijn echtgenoote, die daarginder in een derde klas coupé met een heroisch voorgewende onpasselijkheid, in stilte honger zat te lijden en niets had om dien honger te stillen dan vijf sigaretten en dit gevoel van deernis met en bewondering voor zijn gade inspireerde hem. Zij was de Muze van zijn vernuftige oplichterijtjes!

„Het spijt me, dames," sprak hij, na zorgvuldig en met veel smaak zijn kop soep geledigd te hebben, op eenvoudigen toon, „het spijt me meer dan ik U kan zeggen. En ik moet toegeven, de schijn is voor meer dan honderd procent tegen me! En nochtans . .

Hij voltooide den zin niet, zuchtte, scheen even ontroerd, er kwam zelfs een trek op zijn gelaat of hij zou gaan huilen, maar met een dapper gebaar van schier bovenmenschelijke zelfbeheersching, wist hij toch weer de plooien van zijn gelaat in een soort berustenden glimlach te wringen.

„Er is geen sprake van dat alleen de schijn tegen U is," sprak nu mevrouw van Doesselaer op waardigen toon, met haar ietwat krakende oude-dames stem. „De feiten beschuldigen U. U heeft ons op de meest onbeschaamde wijze bedrogen en opgelicht."

Meneer Pardus knikte, hij knikte met volle instemming, zij het met een zeer bedremmeld gelaat, op die aantijging en bediende zich dan van tarbot, van welke visch hij mogelijk in verstrooiing twee groote stukken op zijn bord schoof, met en benevens een suf fisante portie saus en aardappelpuree en dan als de kelner doorging, sprak hij op zachten toon: „Ik doe zelfs geen poging om die beschuldiging te ontzenuwen of te

Sluiten