Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laten, bedient het onbewuste zich van bepaalde verhullingspsychismen, waarmee de oorspronkelijke wenschinhoud dusdanig veranderd wordt, dat zij door de censuur geschikt wordt geacht om, hetzij als spel, hetzij als droom, hetzij als neurotisch symptoom tot het bewustzijn te worden toegelaten.

Wanneer men op de hoogte is van deze werkwijze van het onbewuste, is men aan de hand van hetgeen de droomer daarbij aan invallen produceert en rekening houdend met wat men uit diens levensgeschiedenis weet, in staat de beteekenis van den droom, dat wil zeggen den daaraan ten grondslag liggenden onbewusten wensch, te leeren kennen. „Der Traum ist die (verkleidete) Erfüllung eines (unterdrückten, verdrangten] Wunsches"1). De verhullingspsychismen van het onbewuste zijn eerstens de „verschuiving", waarmee het psychisch accent van een voorstelling, die in den oorspronkelijken wenschvorm van belang was, verlegd wordt naar een andere, meestal minder belangrijke. Tot de verschuiving worden ook gerekend de „identificatie" en de „projectie". Bij de identificatie vindt geheele of gedeeltelijke vereenzelving plaats van het Ik met een Ik-vreemd object. Het Ik neemt daarbij, bewust of onbewust, één of meer eigenschappen van het Ik-vreemde object over, gedraagt en voelt zich daarna als dit object. Bij de projectie wordt daarentegen een onbewuste voorstelling van de geestelijke binnenwereld verlegd naar, geprojecteerd in de buitenwereld, zoodat het Ik zijn eigen geestesproduct percipieert als een wensch, eigenschap, streving of gedachte van een Ikvreemd object. Deze algemeen voorkomende eigenschap is vooral zeer sterk ontwikkeld bij kinderen en primitieven. Zoo kan een kwade neiging, die men zelf koestert, aan een

ander worden toegeschreven.

Behalve de verschuiving is ook de „verdichting een belangrij verhullingspsychisme. Hierdoor kunnen verschillende in het onbewuste naast elkaar bestaande voorstellingen voor het bewuste tot één beeld samensmelten, ledereen kent dit verschijnsel uit eigen droomen, waarin bijvoorbeeld een bepaalde persoon

i) S. Freud: Ges. Schr., Bd. II, blz. 162.

Sluiten