Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat F r e u d van oordeel is, dat ook het spel onder invloed van de zelfde verhullingspsychismen tot stand komt als de droom en dat men ook bij het spel in staat is, om door middel van psychoanalyse den „latenten spelinhoud" te leeren kennen.

De weergave van de belangrijkste opvattingen van Freud over het spel zullen wij besluiten met de beschrijving van door Freud waargenomen spelletjes van een anderhalf-jang kind waarbij de verschillende determinanten van het spel duidelii naar voren komen. Freud behandelt dit in „Jenseits des Lustprinzips"1). Hij observeerde gedurende eenige weken een anderhalf-jarigen jongen, die wat laat met spreken doch overigens normaal ontwikkeld was; een aardig tevreden kmd|e, dat niet den minsten last veroorzaakte, zelfs niet als zijn eenigste verzorgster, zijn moeder, voor enkele uren buitenshuis ging. Zijn eenige onaangename eigenschap was het wegslingeren van alle voor hem bereikbare voorwerpen door de gehee e kamer tot in de verste hoeken en onder allerlei meubels. Hierbij brac hij met een geïnteresseerd, voldaan gezichtje steeds een langgerekt „o-o-o-o" ten gehoore, dat volgens de moeder zonder twijfel „weg" beteekende. Freud vermoedde nu, dat het kind op deze wijze steeds „wegzijn" speelde, hetgeen door de volgende spelhandeling bevestigd werd: Toen het kind een klosje, aan een touw gebonden, in zijn bezit kreeg, kwam het geen enkelen keer bij hem op, dit bijvoorbeeld als een ka.rret|e achter zich aan te trekken. Hij mikte het daarentegen telkens handig over het hooge hekje van zijn bedje, zoodat het daarin verdween en zei „o-o-o-o". Daarop trok hij het weer met een ruk te voorschijn en begroette de terugkomst met een verheugd „da!" „Das war also das komplette Spiel, Verschwinden und Wiederkommen, wovon man zumeist nur den ersten Akt zu sehen bekam, und dieser wurde für sich allein unermüdlich als Spiel wiederholt, obwohl die grössere Lust unzweifelhaft dem zweiten Akt anhing"2). Freud meende toen, dit spel als volgt te moeten uitleggen: Het kind heeft telkens afstand moeten doen van zijn moeder, hetgeen hem grooten onlust veroorzaakte. Hi|

1) S. Freud: Ges. Schr., Bd. VI, blz. 199 e. v.

2) id.

Sluiten