Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeder verloren had, zullen wij later uiteenzetten. Dat zij op dit verlies niet alleen met verdriet, maar ook met wrok en haatgevoelens reageerde, blijkt uit de in haar manische perioden tegen haar reëele moeder en uit de in haar depressieve perioden tegen de geintrojecteerde moeder gerichte agressiviteit. In de manie is het Ik erin geslaagd, zich van het geintrojecteerde object te bevrijden. Bij ons patiëntje ziet men, hoe in die manische perioden haar agressiviteit zich dan ook rechtstreeks richt tegen degene, die zij trouweloosheid verwijt, namelijk tegen haar moeder. Volgens Abraham voltrekt zich voor de phantasie van den patiënt de periodieke bevrijding van het ge¬

introjecteerde object langs analen weg. Het ontlasting-eten, dat men dikwijls bij volwassen patiënten en ook bij Rietje aantreft, heeft volgens Abraham voor het onbewuste geestesleven de beteekenis van een „kannibalischen Impuls zum verzehren des getöteten Liebesobjektes" M. Deze, op een fixatie aan de oraal-sadistische phase berustende kannibalistische agressiviteit tegenover het trouwelooze liefdesobject werd door Rietje voor onze oogen gedemonstreerd: meermalen zagen wij, hoe Rietje zich, grommend als een wild dier, in haar moeder's dijen of armen vastbeet en niet tot loslaten te bewegen was. Abraham kon de bedoelde agressiviteit slechts bij diepgaande analyse in de droomen zijner volwassen patiënten aantreffen.

Het ontstaan van de manisch-depressieve psychose is volgens Abraham aan de volgende voorwaarden gebonden: le. constitutioneele versterking van het orale driftleven, 2e. fixeering der libido aan de oraal-sadistische phase, 3e. de personen, aan wie de patiënt in zijn allereerste kinderjaren buitengewoon sterk gehecht was, moeten hem zware teleurstellingen hebben bereid, ten gevolge waarvan hij zich als klein kind wanhopig verlaten heeft gevoeld,

4e. deze teleurstellingen moeten hebben plaats gehad vóórdat het kind erin geslaagd was, zijn Oedipus-complex te ver-

x) K. Abraham: Entwicklungsgeschichte der Libido. Int. PsA. Ver!. 1924, blz. 32.

Sluiten