Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SLOTOPMERKINGEN.

Na in het bovenstaande onze aandacht achtereenvolgens te hebben gegeven aan ontstaan en inhoud van de Fransche wet op de verzekeringsovereenkomst, en na ten slotte de punten, die vanuit den Nederlandschen gezichtshoek het interessantst schenen, nog eens in het bijzonder te hebben belicht, kunnen wij hier kort zijn.

Het wil ons voorkomen, dat uit het bovenstaande onvermijdelijk de conclusie getrokken moet worden dat, wat ook de kwaliteiten waren en nog zijn van de assurantieartikelen van ons Wetboek van Koophandel, herziening en aanvulling dezer artikelen inderdaad dringend gewenscht zijn. Het is niet zonder schroom, dat deze woorden worden neergeschreven, nu immers juist dezer dagen het eeuwfeest gevierd wordt van de inwerkingtreding van onze wetboeken. Bij jubilea — ook bij die van wetboeken — is het juister op de kwaliteiten de aandacht te vestigen dan op de gebreken (vooral als het ouderdomsgebreken betreft!). Op deze kwaliteiten evenwel is elders in ruime mate de aandacht gevestigd !). Wij meenen evenwel niet te kort te schieten in respect voor den wetgever van 1838, door er thans nog eens aan te herinneren (om slechts enkele van de voornaamste bezwaren te noemen), dat kwesties als die van den aanmeldingsplicht van den verzekerde, van de tusschentijdsche risicoverzwaring, van de „eigen schuld" — alle kwesties van kardinaal belang -— door ons Wetboek van Koophandel op gebrekkige wijze geregeld worden ; de aansprakelijkheidsverzekering is voor onze wet een onbekende, evenals de ongevallenverzekering en de levensverzekering —- althans de levensverzekering in den meest gebruikelijken vorm. Op de veel gemaakte, en soms misbruikte, tegenstelling tusschen „schade- en „sommenverzekering" sluiten de bepalingen van ons Wetboek van Koophandel op geen enkele wijze aan; de „sommenverzekering" is voor ons Wetboek van Koophandel een onbekende. Het lijkt ons dan ook onjuist, uit erkentelijkheid voor de verdiensten van

i) Gedenkboek Burgerlijk Wetboek, onder redactie van Scholten en Meyers, 1938, met name het artikel van Visser, „Het Burgerlijk Wetboek en het handelsrecht".

Sluiten