Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belangstelling, het oog vestigde op de verdediging van den beschuldigde en sympathie gevoelde voor hem, die, met terzijdestelling van alle geldelijke belooning, de verdediging voor een beschuldigde opnam en als redenaar voor het gerecht optrad t3). De taak van de verdediging evenwel was veel moeilijker dan die van de beschuldiging; ze moest antwoorden op onverwachte beweringen, verraderlijke aanvallen afslaan, feiten ontkennen of toegeven, getuigenverklaringen betwisten, bewezenverklaringen ontwijken of ontzenuwen, de rechters verteederen of overtuigen 14). Deze verdediging was allesbehalve een juridische argumentatie om de beschuldiging te ontzenuwen, veeleer, zooals we aan 't begin van dit hoofdstuk hebben opgemerkt, een poging om de judices te overtuigen van de gevaarloosheid van den persoon van den verdachte voor de allen burgers belangende veiligheid en welzijn van den Staat. Van toepassing der strafwet op het begane feit was dan ook geen sprake. „Nog nooit", zegt Cicero, ,,is de strafwet toegepast enkel en alleen omdat die wet bestaat". Hiervoor hebben we er op gewezen dat een dergelijke strafrechtspleging in nauw verband stond met de toen heerschende beschouwing over de straf als middel ter bescherming van de veiligheid van den Staat.

Nadat aanklager en aangeklaagde over en weer hunne zaak hadden uiteengezet, werd tot het leveren van bewijs overgegaan.

Opmerkelijk is, dat, anders dan in het hedendaagsche recht, de bewijslevering volgde op de pleidooien. De reden hiervoor moet gezocht worden in de omstandigheid dat men bevreesd was voor al te grooten invloed van het hartstochtelijk gesproken woord op een, onmiddellijk na de verdediging, geveld vonnis.

Bij de hooge waardij van het Romeinsche burgerschap in de tijden der Republiek en de onschendbaarheid van den persoon van den Romeinschen burger, is het gereedelijk aan te nemen dat geen dwangmiddel tegen een burger, van misdaad beschuldigd, mocht worden aangewend om een bekentenis af te persen 15). Hoewel de

13) G. L. JANSMA VAN DER PLOEG, bladz. 73; GUSTAV GEIB, bladz. 301.

14) F. HÉL1E, bladz. 51. QUINTIUANUS. Tanto est accusare quam defendere, quanto facere quam sanare vulnera, facilius. Inst. Orat.

15) Handelingen der Apostelen, 22 : 24—30.

Sluiten