Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan kunnen wij ons niet aan den indruk onttrekken dat het accusatoire principe hoe langer hoe meer werd uitgehold en feitelijk alleen nog in naam bestond. Het inquisitoire principe kreeg ook volgens Geib zulk een overwicht ,,dasz es den Accusationsprocesz, wenn auch nicht überall dem Namen, doch wenigstens der Sache nach, fast ganz zerstörte oder jedenfalls das eigentliche Lebensprincip desselben allmahlig vernichtete" 64).

Vatten wij eindelijk onze beschouwing nog eens kort samen, dan zien wij het volgende:

Ten tijde van de Romeinsche republiek was het strafproces in principe en vorm beslist accusatoir. Geen vervolging van Staatswege, maar overgelaten aan het initiatief der burgers. Een aanklacht kon alleen door middel van de, de comitia voorzittende, magistraten worden ingesteld.

De uitbreiding van Rome's macht en gezag bracht met zich meerdere en moeilijker strafzaken, als gevolg waarvan de volksgerechten het werk niet meer en niet meer in één dag afkonden.

Dit bezwaar deed de behoefte gevoelen aan soepeler rechtsinstellingen. Het resultaat was de vorming van tijdelijke commissies (quaestiones), waarbij de rechter ambtshalve een onderzoek instelde. Hier treffen we het inquisitoire principe dus reeds aan65).

Dan bij het toenemen der vergrijpen werden de tijdelijke quaestiones in vaste veranderd (quaestiones perpetuae), maar tengevolge van een, tevens ingevoerde, andere wijze van procedeeren werd de rechter weer lijdelijk toeschouwer en werd ook de verplichting tot het doen van een aanklacht in vollen omvang hersteld. Ieder burger mocht en moest, om een strafzaak te beslechten, een accusatio bij de bevoegde instantie indienen.

Hier zien we dus de inquisitoire gedachte op den terugweg.

Onder het Keizerrijk en, na Constantijn den Grooten, in de monarchie, treedt het inquisitoire principe weer sterk naar voren en bereikt daar het hoogtepunt waar de vervolging en berechting van ernstige misdrijven ambtshalve moet plaats vinden.

84) Geschichte etc., bladz. 522.

r'5) Ook aan de rechtspraak des Konings en der pontifices was de inquisitoire gedachte niet vreemd, maar wegens de beperkte werkingssfeer laten wij die buiten beschouwing.

Sluiten