Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op deze wijze kwam men langs een omweg tot een grondstelling waarover reeds van den tijd der eerste hervormingspogingen af de strijd had geloopen.

In de in 1877 ingevoerde „Strafprozessordnung" vinden we dit beginsel dan ook gehuldigd. Een tegenwicht vormt de erkenning van den beschuldigde als procespartij, in plaats van als louter object van onderzoek te worden beschouwd.

Ook werd de toelating van een verdediger opgenomen.

Een belangrijke verbetering was tevens de indeeling van de procedure in vooronderzoek Voruntersuchung en eindonderzoek Hauptverhandlung. Het vooronderzoek was nog wel inquisitoir, maar vormde in tegenstelling met vroeger slechts een onderdeel van het proces; een vóórbereiding van het éigenlijke onderzoek.

Der reformierte Strafprozesz kehrte zum Anklageprinzip zurück, jedoch in einer, dem modernen Staatsgedanken angepaszten Form. Die Anklage wurde ausschlieszlich Staatssache. Die von Frankreich übernommene Behörde, die Staatsanwaltschaft wurde öffentliche Anklager. Seither stehen sich — wenigstens dem Rechtsgedanken nach — Klager und Angeklagter als waffengleiche Prozeszsubjekte gegenüber. Nur in der Voruntersuchung sind bis auf den heutigen Tag Spuren des alten inquisitorischen Verfahrens erhalten geblieben (Fehr, bladz. 289).

Wanneer wij het behandelde in dit hoofdstuk in het kort nog eens overzien, dan treft het ons, dat in de historische ontwikkeling van de strafprocesvormen in Duitschland van een geleidelijken overgang van het accusatoire naar het inquisitoire principe weinig te bespeuren valt. Weliswaar treffen wij reeds zeer vroeg de gedachte van overheidsbemoeiing met de strafvervolging aan, maar telkens weer worden die uitloopsels ontijdig afgesneden.

De instellingen der trustes, Rüge, vervolging bij handhafte dat, böse Leumut, vervolging van ambtswege en niet het minst de aanstelling, hier en daar, van een Fiskaal bevatten alle, in meerdere of mindere mate, de inquisitoire gedachte, maar tengevolge van allerlei, meest staatkundige, oorzaken, door gebrek aan moed of goeden wil bij de regeerende vorsten kon dit beginsel niet tot volle ontplooiing komen.

Algemeene toepassing van het fiskalaat had kunnen voorkomen, dat Duitschland zoo langen tijd het tooneel is geweest van de toe-

Sluiten