Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

instelling aan, die wij ook in Frankrijk hebben gevonden. De oorzaak van dit verschijnsel is niet ver te zoeken. In de middeleeuwen was ons land veel meer georiënteerd naar Frankrijk dan naar Duitschland. Nog meer was dit het geval toen omstreeks 1400 de Bourgondische vorsten hier, gesteund door een groot aantal legisten, die aan de buitenlandsche hoogescholen bij het Romeinsche Recht waren opgevoed, onder krachtigen tegenstand van de, aan hun oude rechten, gewoonten en instellingen gehechte onderdanen, met taaie volharding hun, op centralisatie en absolutisme gericht, regeeringsstelsel invoerden.

De voorrechten, onder minder krachtige vorsten verkregen, vormden een groote verscheidenheid van rechtspraak en rechtsbepalingen in de verschillende gewesten.

Het mag ons dan ook niet bevreemden, dat, geheel overeenkomstig den geest der Bourgondische dynastie, herhaaldelijk sprake was van het plan om alle „costumen" op schrift te stellen, vooral nadat voor de Duitsche staten in 1532 de Carolina was ingevoerd. Wij herinneren slechts aan de benoeming in 1526 van een zekeren Sasbout, aan wien opgedragen was de stedelijke costumen schriftelijk te redigeeren. — ,,Doch de gezetheid onzer voorouderen op hunne keuren en privilegiën verijdelde deze waarlijk heilzame poging om de verschillende onbeschreven costuymen door een algemeen landrecht te doen vervangen." (Vgl. art. 61. Ord. op de Crim. Justitie.)

Evenmin werd gevolg gegeven aan een plakkaat van den 7den October 1531, hetwelk gelastte binnen zes maanden de costumen op schrift te stellen en aan de landvoogdes in te leveren om ze in orde te kunnen brengen. Doch de tegenzin tegen deze zoo uiterst wenschelijke schriftelijke redactie en „homologatie" was zoo groot, dat er met de inzending der costumen in verscheidene gewesten nooit ernst is gemaakt, voordat de sterke hand van den Hertog van Alva daartoe dwong 13).

Het gunstige gevolg is geweest, dat de Nederlandsche jurist meer studie ging maken van de oude rechtsgewoonten, die men, ook zonder ze naar Brussel te sturen, in een vasteren vorm goot.

De bloei der rechtswetenschap in de Nederlandsche gewesten

13) P. J. BLOK. Geschiedenis van het Nederlandsche volk. Leiden, Deel I, bladz. 554 (2e druk).

13

Sluiten